De Kerkklok 


Home Over Douwe Columns Boeken

Douwe vertelt En verder... Contact
 

Lieve beste lezers van de Kerkklok

Ik heb het voorrecht alle veertien dagen, met een column, even bij u naar binnen te mogen gaan. Via de brievenbus, beland ik in de loop van de dag op uw tafel. Niet lang daarna verdwijn ik in de krantenbak, en na verloop van weken in de papiercontainer.
Dat is niet erg. Mijn intentie rijkt niet verder, dan dat u even met mij ergens bij stilstaat.
Ik weet het, het zijn geen preekjes, soms zelf misschien wat licht van toon, en je kunt je afvragen: moet dat in de kerkbode?
Of misschien komt bij u de gedachte naar boven: wie is die man eigenlijk? Misschien hebt u het jaarboekje geraadpleegd en kwam u mijn naam niet tegen. Klopt, ik ben niet Christelijk Gereformeerd. Wel christelijk en naar ik meen, ook gereformeerd. Toch geeft het kerkblad mij de kans om af en toe even bij u naar binnen te stappen. Want wat ons bindt is dat we Gods kinderen zijn.
U moet mijn schrijven dan ook lezen als broodkruimels, op de weg gestrooid op mijn voettocht door het leven.
Ik woon in het mooie Drenthe, maar af en toe verlaten we onze provincie om even bij de buren te gaan kijken. Dat geldt ook voor de zondagse erediensten. Vaak word ik getroffen door een preek, lied, of een ontmoeting. Ik weet dat er in de CG kerken, een verscheidenheid aan beleven, preken en diensten zijn. Een enkele keer kom ik gebukt onder zondenlast, opgelegd via de kansel, de kerk uit. Maar veel vaker is het of ik thuis ben.
Zoals onlangs toen wij een dienst bezochten in de kerk van Aalten.
De dominee probeerde in gewone menselijke taal aan de gemeente, inclusief jongeren, de Boodschap door te geven. Het ging over de vreugde van de wet.
Nu, daar moet je net bij mij mee aankomen. De wet. Vorige week kreeg ik een bekeuring binnen. Iets te hard gereden. Of ik maar even dokken wilde. Je kunt goedkoper een ouder echtpaar beroven. Dan is er wel iemand te vinden, die de rechter kan overtuigen, dat je het eigenlijk niet wilde, maar dat het met gebeurtenissen uit je jeugd te maken zou hebben.
 Maar deze dominee verstond de kunst mij te laten geloven, dat in Gods geboden te doen, vreugde ligt opgesloten.
Ik keek tijdens de preek stiekem de gemeente door. Zag geen afwerende blikken op de gezichten van de kerkgangers. Nee, er werd zelfs in het begin gelachen. Maar dat kwam omdat de dominee ons  meenam naar het Joodse volk. Hoe men daar leefde en deed. Menig kerkganger zag in hun gedachten al hun predikant, met de Bijbel in zijn handen, dansend, gevolgd door ouderlingen en diakenen de kerk door gaan. Vreugde van de wet. Omdat het geen regels zijn, maar omdat er iets moois ontstaat als je er naar leeft. Wij hebben de wet van IsraŽl ontvangen, maar eigenlijk nog meer. De Messias, gekomen om Gods wil te doen. En Hij heeft jou lief.
Ja, en dan zing je, met een brok in je keel:

Heer ik kom tot u Ė

Houd mij vast, laat uw liefde stromen
Houd mij vast, heel dicht bij uw hart-

Dan zweef ik op de wind
gedragen door uw geest
en de kracht van uw liefde.      

 

Met een hartelijke broedergroet,

Douwe Janssen

 



 


Copyright © Douwe Janssen, e-mail: douwe@douwejanssen.nl

Laatst bijgewerkt: 10 november 2017